Archive for the 'Bomen' Category

Het verborgen leven van bomen

boom

Harde wind en een oude boom… ‘t gaat niet altijd goed samen. Enkele weken geleden was ons uitzicht op de wei achter de tuin plots veranderd. Vanochtend was zo’n mooie mistige start, dat het tijd werd voor wat foto’s. En laat nou precies op diezelfde ochtend een pakje in mijn brievenbus belanden: het intrigerende boek “The Hidden life of Trees” van Peter Wohlleben (met dank aan Diantha). Een eerste blik binnenin brengt al meteen een fascinerend verhaal over een oude stronk van een reeds honderden jaren geleden gevelde boom. De stronk blijkt nog steeds in leven te zijn, ondanks dat er geen boom, stam of blad meer te bespeuren valt. Conclusie: de overblijfselen van de stronk krijgen hulp van de omringende bomen en hun wortelgestel.

boom2

Dit geeft meteen al aan dat de helft van het leven zich eigenlijk ondergronds afspeelt. Intussen in onze tuin, bovengronds, lijken de rollen omgedraaid. Afgestorven zaadhoofden, strokleurige wuivende halmen, ritselende centen en stapels afgevallen blad bepalen het beeld.

tuin-nov-2016

phlomisjudaspenning

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er zijn al enkele winterprikjes geweest wat zorgt voor mooie witte vorstrandjes. Het afgevallen blad van de burning bush Euonymus alatus ‘Compactus’ lag nog dagen na te gloeien op de grond. Met al dat bovengrondse vuur vraag je je af wat er ondergronds allemaal gaande is.

burning-bush

En voor de boom in de wei: hopelijk ontvlamd daar binnenkort ook weer een nieuw vuur.

 

Slakkengang

slakkengangDe vele regen doet het aantal slakken in m’n tuin exploderen. Je vindt ze werkelijk overal en dat levert zo nu en dan toch wel grappige taferelen op, zoals dit rare fenomeen hierboven. Ik heb me al vaak afgevraagd wat ze daarboven toch denken te vinden. Misschien is het zoals bij de lieveheersbeestjes, die lopen ook altijd omhoog. Als je een blaadje of takje met een lieveheersbeestje hebt en je draait het om keert hij steevast om zodat hij weer naar boven loopt. Misschien denken de slakken boven een mals blaadje te vinden alleen is deze stam wel erg lang om in slakkentred af te leggen.

Sophora japonica kroon

De boom heeft overigens onlangs een knipbeurt gehad. Z’n kroon was inmiddels zo groot en zwaar dat zijn takken tot op de grond hingen. Ground-hugging zoals de Engelsen het zo mooi kunnen zeggen, al was die term vast niet bedoeld voor de leden van het bomenrijk. Afgelopen winter dacht ik al de snoeischaar (lees zaag) boven te halen, maar de Japanse Honingboom blijkt in juni/ juli gesnoeid te moeten worden. In de winter (zeker na december) komt de sapstroom weer op gang en bij snoei kan de boom dan hevig beginnen ‘bloeden’. Dus, een paar dagen geleden was het zover, de onderste takken gingen eraf.

Sophora japonica snoei

En het moet gezegd worden: het heeft hem goed gedaan. Ik ben normaal niet zo van de snoei. Een boom moet bij mij gewoon z’n ding kunnen doen. Maar deze ingreep was toch wel de moeite: z’n vorm en mooie brede kroon komt nu nog beter tot zijn recht en je kunt nu echt onder de boom staan. Merkwaardig ook hoe de kroon eigenlijk “hol’ is van binnen, de bladeren hangen als een soort koepel over je heen.

Het aardbeienveldje onder de boom vaart er ook wel bij, ze kleuren lekker rood met dat extra straaltje zon. Alleen nu nog zorgen dat de slakken niet rechtsomkeer maken als ze zien dat eigenlijk al het lekkers niet boven maar beneden te vinden is.

aardbeien

Frommelblaadjes

Vijg

De nieuwe blaadjes ontluiken. Ik vind het altijd fascinerend om te zien: al dat gefriemel en gevouw. Iets wat in volle wasdom een groot en imposant blad is kan er in het voorjaar zo fragiel en hulpeloos uitzien. De eerste vijgeblaadjes grijpen als kleine handjes naar het licht (en de eerste vijgjes zitten ook al in de startblokken). Het ontrollende blad van de Japanse regenboogvaren is zo klein en friemelig. Het heeft wel iets van een kleine octopus. Je kunt bijna niet geloven dat dit later het brede indrukwekkende blad wordt, in grijspaarse metaalachtige kleuren, zoals we van hem kennen. En de Acer shirasawanum ‘Aureum’ doet het goed. Veel nieuw blad en groeikrachtige scheuten, laten we hopen dat het doorzet.

Acer shirasawanum 'Aureum'Japanse regenboogvaren

 

 

 

 

 

 

 

Ook het Japanse keizereikje is goed vertrokken. Zijn ontluikende blaadjes hadden het vorige week al gehaald tot foto van de week. De roze tint van het jonge blad begint langzaam plaats te maken voor groen. Ik besproei hem nu regelmatig met wat groene zeep en spiritus opgelost in water om spint te voorkomen. Daar had hij vorig jaar zo’n last van dat ik het nu vóór probeer te zijn.

Quercus dentata 'Pinnatifida'

De Augurkenstruik (Decaisnea fargesii) laat het dit jaar echter wat afweten. Afgelopen najaar had ik al het gevoel dat zijn blad snel afviel. Er is dit jaar veel dood hout met hier en daar gelukkig nog wel wat nieuwe scheuten. Ik ga hem een flinke snoeibeurt geven en zijn voeten vrij maken van al dat welig tierende Hondsdraf. Misschien dat hij dan weer wat meer lucht krijgt.

Augurkenstruik

Ietsje verderop staat de krulhazelaar. Deze wordt gestaag ieder jaar groter. Zijn stam is al een flinke knoestige krul, maar zijn blaadjes ontkrullen ieder jaar opnieuw. De jonge blaadjes van de Japanse Honingboom zitten netjes in twee gevouwen op een rij en maken zich klaar om hun benen te strekken.

krulhazelaarHoningboom

 

 

 

 

 

 

 

Ja geef mij maar gewoon de bladverliezende leden van het plantenrijk, dat gevouw en gefrommel ieder jaar is niet te missen.

Herfstkleuren in de mix


Herftskleuren

De regen valt inmiddels met bakken uit de hemel en er zijn al twee kleine winterprikjes met nachtvorst geweest, waardoor sommige vorstgevoelige planten tot een slappe moes zijn ingezakt. Zo goed als alle bladeren zijn nu gevallen, waar een blik in mijn foto archief van een maand of wat geleden nog een tuin onthult in volle herfstkleuren. De kleuren waren dit jaar wel heel bijzonder en anders dan andere jaren.

kriek in caramelkleur

Vooral de kriek had dit jaar eens duidelijk zin in iets anders. Waar hij normaal al in sep. of soms zelfs in aug. zijn blad zonder blikken of blozen laat vallen hield hij het dit jaar tot begin nov. vol en wel in een prachtige mooie caramelkleur, waarvan ik niet eens wist dat de kriekenboom het in zich had. De berk (op de achtergrond te zien) bleef dan weer heel lang groen, terwijl normaal zijn vibrerende geel toch altijd steevast aanwezig is. Vibrerend geel was er wel bij de honingboom. Zijn afgevallen blad maakte van ons cirkelvormige tegelpleintje zelfs een flitsend mozaïek.

Sophora japonicaHoningboom gevallen blad

 

 

 

 

 

 

 

De Pruikenboom dit het deed jaar wat rustiger. Normaal heeft hij een flinke rode blos, maar nu bleef het bij een wat bescheiden bruin-bordeaux, met af en toe een ondeugende uitschieter. Ook het rood bij de Acer japonicum ‘Aconitifolium’ liet lang op zich wachten. Hij startte in een paarsachtige bordeaux en pas op het laatst toonde hij her en daar zijn knallende rood.

Pruikenboom

Acer japonicum 'Aconitifolium'

 

 

 

 

 

 

 

De esdoorn Acer shirasawanum ‘Aureum’ dit deed jaar dan weer buitengewoon goed zijn best en toonde kleuren die ik nog niet eerder bij hem gezien had. In zijn vroege jaren, toen hij nog in een houten ton stond, kleurde hij in de herfst vaak vlammend goudgeel. Acer shirasawanum 'Aureum'Sinds hij in de volle grond staat zijn de herfstkleuren minder spectaculair, maar dit keer ging het onverwacht richting oranje, rood en zelfs een tikje paars. Merkwaardig ook hoe het soms binnen de plant sterk kan verschillen.

Wat opzoekwerk op internet leert mij dat de kleurverandering in het blad vooral in gang wordt gezet door de langere nachten (simpelweg de kalender dus). Andere factoren zoals de temperatuur, zonlicht, vochtigheid en voeding zijn vooral van invloed op de intensiteit van de kleuren. Leuk om te weten ook: de gele herfstkleuren zijn het hele jaar door al aanwezig in het blad. Ze worden alleen in het najaar pas zichtbaar omdat de aanmaak van chlorofyl (bladgroen) dan stagneert. De groene kleur verdwijnt en het gele pigment wordt zichtbaar. De rode pigmenten worden vooral in de herfst geproduceerd onder invloed van fel licht en veel suikers. Als je er wat meer over wil lezen kijk dan hier.

Geen idee wat er dit najaar precies voor heeft gezorgd dat sommige planten een extra kleurtje verkozen, terwijl juist anderen het wat kalmpjes aan deden. Het blijft een wonderlijk samenspel van omstandigheden en dat is dan wel weer precies zoals je het verwacht van de natuur.

Kardinaalsmuts

Peis, vree en een beetje droefenis

Sophora japonica

De Japanse Honingboom staat er fantastisch bij. “Onze boom” wordt hij al liefdevol genoemd, omdat hij na de berk de grootste is en … zelf geplant. Het is aandoenlijk om de foto’s terug te zien van toen hij net geplant was. Een ijle bonenstaak, een stammetje als een bezemsteel, met de eerste drie takken die nog recht omhoog stonden. HoningboomHij werd zonder kluit geleverd, met “kale wortels” en ik weet nog dat ik die armetierige wortels zag en dacht: als dat maar goed gaat. Nu is hij zowat even hoog als breed, een prachtig takkengestel en om het andere jaar geeft hij ons voorzichtig wat eerste crèmewitte bloemen in het najaar.

In de voortuin daarentegen gaat het wat minder goed. Het Japanse Keizereikje werd dit jaar voor de tweede keer op rij overvallen door spint. Ergens midden in de zomer komen er vlekken op het blad, waarna ze uiteindelijk helemaal bruin worden en af vallen. Zodra je het goed en wel in de gaten hebt is het eigenlijk al te laat om er nog iets aan te doen. Het is triestig om te zien, het boompje is nog maar zo klein en op deze manier krijgt hij ook geen kans om te groeien. Wat is dat toch in de voortuin dat het maar steeds niet wil lukken met een boom. Ik heb me voorgenomen volgend jaar iets preventiefs te gaan gebruiken.

En laat ik dan ook maar meteen het andere trieste nieuws brengen: de esdoorn Acer shirasawanum ‘Aureum’ heeft nogmaals een Verticillium aanval gehad. Alsof het nog niet genoeg was, de boom is nu letterlijk gehalveerd. Toch blijf ik stug volhouden met de grond los en luchtig te houden en in de tussentijd koester ik een halve boom.

paddestoelen

peper

Calendula

 

Voor de rest is het peis en vree in de tuin. Het is ook weer paddestoelentijd. Het is vooral veel rood met witte stippen dit jaar, lekker traditioneel. De moestuin blijft ook ieder jaar verrassen. Wat het vorig jaar goed deed geeft absoluut geen garanties voor dit jaar. Met de bonen was het snel gedaan. De peulen daarentegen gingen als een trein,… zo hard dat de komkommer (die ook tegen hetzelfde klimrek stond) het onderspit moest delven. In augustus heb ik hem dan terug wat ruimte gegeven toen de peulen eruitgingen. En nu hangt er een piepklein komkommertje aan. Ook de courgette doet niet wat ik van hem gewend ben. De bieten zijn dan weer groter dan ooit.

En dit jaar is er ook voor het eerst Ananaskers, ook wel bekend als Incabes. Dit voorjaar bij de kwekerij kocht ik 3 minuscuul kleine plantjes, of beter gezegd drie setjes kiemblaadjes. Ze waren eigenlijk nog te klein voor de verkoop, maar op mijn aandringen kreeg ik ze toch mee. Doe er maar drie zei ik, voor het geval er één het niet redt. Nou, ze hebben het alle drie gered: 2 staan in een pot en 1 in de volle grond en overal hangen die leuke lampionnetjes. Als je erop duwt voel je de bes vanbinnen al zitten. En ze zijn lekker: zoet en zacht. Voor volgend jaar zal ik er één opzij leggen om de zaadjes uit te halen. Voor nu is het nog even genieten van de laatste warme nazomerdagen. Hopelijk nog genoeg zon om de tomaatjes en chilipepers te kleuren.

Salvia 'Shame'

Festuca en Acer

Inkabes en Oost Indische kers

 

Boomgeluk

Quercus dentata 'Pinnatifida'

En plots is ie daar dan: de langverwachte, veelbesproken en alom naar uitgekeken boom. Hij luistert naar de naam Quercus dentata ‘Pinnatifida’, oftewel Japanse Keizereik. Afgelopen weekend kwam het telefoontje: “hallo met Jo, ik heb de boom gerooid en kan binnen een uurtje voor je deur staan”. Zo gezegd, zo gedaan,… en sindsdien loop ik om de haverklap naar buiten om te gaan ‘kijken’. De knoppen zijn nog niet uitgelopen, dus die primeur ga ik binnenkort krijgen. Tot dan is het kijken naar de takken, waarvan de jonge wonderlijk zacht behaard zijn in tegenstelling tot de oudere die reeds bedekt zijn onder de korstmossen. Daarmee heb je meteen één van de karakteristieken van de boom te pakken. Het is een echte karakterboom, die zal uitgroeien met een grillig gevormd takkenstelsel en een weerbarstige uitstraling. Door de open kroon blijft het zicht op de takken ook altijd aanwezig. Bij mijn boom zit de eerste hoofdsplitsing op borsthoogte en een tweede splitsing iets boven ooghoogte. De kroon zal daardoor dus wat breder worden en van boven meer afgeplat. Door die splitsingen is hij nu al erg ruimtelijk. De zachte beharing op de takken gaan we binnenkort terugzien op de bladeren. Die worden, met ruim 20 cm, flink groot en zijn diep gelobd/ ingesneden. Het blad zal roodachtig brons uitlopen en daarna verkleuren naar middengroen, om in het najaar af te sluiten met een oranje gele herfstverkleuring. Oftewel, wordt op de voet gevolgd.

Quercus dentata 'Pinnatifida'2

 

Bomen over bomen

Vorige week bracht ik een bezoek aan Boomkwekerij Hortus Conclusus, een fijne kwekerij gespecialiseerd in zeldzame bomen voor de kleine tuin. En met “fijne kwekerij” heb ik niet teveel gezegd, wat voor moois staat daar bij elkaar! Ik ben deze kweker nog maar pas op het spoor gekomen en dat terwijl hij hier op een steenworp afstand ligt. Onbegrijpelijk, achteraf gezien, ik heb al heel wat kilometers afgelegd naar kwekers en tuinbezoeken: een paar uur met plantjes tussen de knieën en boompjes over de schouder in de auto terug naar huis, maar een 20 min. ritje op de fiets deed het dit keer. Ik had om 11 uur ‘s ochtends afgesproken en om kwart over twee rolde ik weer naar buiten, voldaan en gelukkig, zoals dat meestal gaat na zoveel moois.

Sorbus aucuparia 'Chinese Lace'En wat heb ik daar allemaal gezien? Sorbus, Magnolia, Fagus, Ginkgo, Quercus, Ulmus, Acer…. eigenlijk teveel om op te noemen en dan ook nog de soorten waar je nog nooit van gehoord hebt. Bij iedere boom hoorde ook een verhaal. Kweker Jo straalt eigenlijk dezelfde rust en gemoedelijkheid uit zoals dat wel past bij een kweker van trage groeiers. Want dat is eigenlijk waar het voor een deel op neer komt bij “bomen voor de kleine tuin”, ze groeien traag en bereiken pas na jaren hun bescheiden maar toch respectabele hoogte.

Sorbus wilfordiiDe rondleiding begon aan de overkant van de straat, waar de “al wat grotere” bomen in volle grond staan. We liepen langs rijen van eiken, bijzondere Ginkgo’s (zoals ene ‘Jingle Bells’) en heksenbezems: een begrip dat ik nog niet kende, maar zoals Jo uitlegde gaat het hier om genetische mutaties in de betreffende soort, waarbij op één groeitop zich een grote hoeveelheid aan nieuwe groeitoppen ontwikkelen, waardoor de plant een sterk verdicht takkenstelsel krijgt. Vandaar de naam heksenbezem. We liepen verder door de rijen, hier en daar hielden we halt voor een verhaal, werd een takje afgebroken om te ruiken aan de heerlijke amandelgeur die vrijkwam of om een bijzondere bladvorm te bewonderen. Ulmus parvifolia 'Geisha'De laatste halte, alvorens we naar het kwekerijgedeelte liepen, was bij enkele zeldzame soorten Sorbus, waaronder Sorbus wilfordii één van de favorieten van de kweker. Mijn oog viel ook op Sorbus aucuparia ‘Chinese Lace’, met mooi matgroen blad dat diep is ingesneden.

Op het kwekerijgedeelte stonden de kassen vol met jonge enten, veel Magnolia’s, maar ook weer merkwaardige Sorbus soorten met groot blad dat je helemaal niet aan de Sorbus zou toekennen. Maar goed, de Sorbus heeft ons al eerder om de tuin geleid. In de naastgelegen tuin kon je je tot slot vergapen aan een ruime greep uit de collectie. Eén van de blikvangers was een Ulmus parvifolia ‘Geisha’, maar dan wel één van een 3 à 4-tal meters hoog. Je kunt je wel voorstellen, wie zijn tuin kan inrichten met een dergelijke kwekerij om uit te putten, kan zich gelukkig prijzen.

Nu begrijp je natuurlijk wel, de aanleiding van mijn bezoek was het uitkiezen van een boom voor in de voortuin. Mijn lijstje met mogelijke kandidaten krijgt hiermee weer een bijzondere wending. Ik heb mijn oog namelijk laten vallen op twee eiken.Quercus dentata 'Pinnatifida' onbekende eikNu denk ik zelf bij een eik aan een grote majestueuze boom, maar ook hier bestaan dus bijzondere soorten die traag groeien en niet heel groot worden. De eik hier rechts is een Quercus dentata ‘Pinnatifida’ oftewel de tot de verbeelding sprekende “Japanse keizereik”. Hij heeft zeer diep ingesneden blad dat tot wel 30 cm lang kan worden en een mooie herfstkleur krijgt. En (ik durf het bijna niet te zeggen) maar de sierlijkheid van het blad en de boomvorm heeft wel iets weg van een esdoorn. De eik hier links is vooralsnog onbekend. De kweker heeft hem al 20 jaar in zijn bezit (gered van een plek waar hij weg moest) en daarbij is gaandeweg de naam verloren gegaan. Ik heb op het groeninfo forum wat navraag gedaan bij de kenners om te kijken of we het “beestje” een naam kunnen geven. De eerste voorzet is dat het wellicht om een Quercus faginea zou gaan, een “Portugese eik”. De boom heeft al een zeer mooie karakteristieke vorm, hij heeft natuurlijk ook al een serieuze leeftijd. In bomenland is 20 jaar natuurlijk niks voor een boom die wel 400 jaar, en meer, oud kan worden, maar in Kwekerijenland kom je het niet zoveel tegen. Alleen zijn eerder struikachtige groeiwijze plaatst bij mij wat vraagtekens of dit in de voortuin wel goed tot zijn recht komt en of ik daar niet liever iets heb dat meer een boomvorm heeft. Anderzijds spreekt zijn grijsgroene uiterlijk me wel erg aan en een boom met een stukje geschiedenis en wat extra jaartjes is ook niet mis. Het liefst zou ik ze natuurlijk alletwee nemen … en nog een stuk of wat andere erbij, maar kiezen is ook een kunst.

Op bomenjacht

Voor de oplettende lezer: mijn voortuin is nog steeds “zonder boom”. De eens aangeplante Acer griseum is niet meer: geveld door de schimmelziekte Verticillium. Zo’n anderhalf jaar geleden heb ik hem met lede ogen uitgegraven en sindsdien prijken er groenbemesters voor in de plaats. In de tussentijd heb ik mijn gedachten al over en weer laten gaan voor een waardige vervanger, het internet afgestruind naar info over meer Verticillium resistente bomen, onlangs ook een bezoekje aan een boomkwekerij gebracht, maar de “spreekwoordelijke” kogel is nog niet door de kerk. Voor wat extra inspiratie heb ik vorige week dan een bezoek gebracht aan Arboretum Trompenburg in Rotterdam. Een bezoekje waard, de ligging midden in de stad is ook vrij bijzonder.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En laat nu net bij binnenkomst m’n hart meteen overslaan bij het zien van een … Acer griseum … In totaal stonden er drie in het park dus ik werd danig op de proef gesteld. Maar goed, zie het maar als een mooie start om iets van gelijkaardige schoonheid te vinden. Het eerste (of eigenlijk het tweede dan) waar mijn oog op viel was de boom hiernaast. Ik werd even op het verkeerde been gezet, dacht dat het ook om een esdoorn ging door de gelijkende blaadjes maar bij nader inzicht bleek het een Liquidambar orientalis te zijn. Ik kende wel al de Liquidambar styraciflua, maar de Oosterse amberboom heeft kleiner blad. De stam is ook vrij bijzonder, op al wat oudere bomen (wat hier het geval was) ontstaan kurklijsten. Laat deze boom nu ook net op de lijst staan van Verticillium resistente bomen en daarmee stijgt hij meteen met stip op de hitlijst.

Vol goede moed liep ik verder en net om de hoek stond een volgende schoonheid. Alleen heeft deze boom tot op heden nog geen naam. Het labeltje bij de boom was onleesbaar en dat wakkert de nieuwsgierigheid natuurlijk nog wat extra aan. Het blad deed wederom aan een esdoorn denken (rara wat is dat bij mij, dat ik steeds bij esdoorns uitkom) maar toch twijfel ik of het hier om een esdoorn gaat.  Ik ben intussen wat rond aan het vragen op het groeninfo forum. Wordt vervolgd dus. En voor degenen die ook nieuwsgierig zijn geworden: hier een wat grotere foto van het blad.

Vervolgens een doorsteek gemaakt naar de zogenaamde “Overtuin”. Het Arboretum bestaat uit 2 delen. Zo’n 6 jaar geleden (als ik mij goed herinner) is een deel aan de overkant van de straat erbij getrokken. Via een poortje + oversteek over de openbaar weg beland je in deel 2. Daar zag ik volgend mooi exemplaar staan van een meerstammig krentenboompje (Amelanchier). Althans, hier ontbrak het labeltje, maar ik ben er vrijwel zeker van dat het om een krentenboompje gaat. Krentenboompjes kom je vrij vaak tegen in struikvorm langs de snelweg of langs bosranden. Een vrij doorsnee boompje zou je dus kunnen zeggen, niet echt een speciaal geval. Nochthans schrijft Nico Vermeulen in zijn Geillustreerde Bomen & Struiken Encyclopedie dat “als hij alle bomen in zijn tuin zou moeten kappen en er één zou mogen laten staan, het beslist een krentenboompje zou zijn”. Dat is niet mis: zo’n tot de verbeelding sprekende uitspraak. Hier is dus meer aan de hand. Het boompje heeft vrij kleine ovaalronde blaadjes. In het voorjaar ontluikt het blad in bruin roze kleur en bloeit hij met witte bloemetjes, in augustus volgen de “krentjes” en in het najaar sluit hij af met een overweldigende herfstkleur in geel-oranje rood. Een alleskunner dus en het moet gezegd, zo’n meerstammige boom is toch wel erg mooi om te zien. Ook deze staat in de lijst van Verticillium resistente bomen, dus wat wil een mens nog meer..? Misschien alleen dat tikkeltje exotisme, het gevoel dat je iets bijzonders hebt staan dat je niet overal ziet?

Trompenburg_Maackia fMet de Maackia fauriei heb je dat. Dit kleine boompje van zo’n 2 m hoog stond iets verderop en valt meteen op door zijn bijzondere verschijning. Hij heeft fijn gevederde blaadjes en een zeer gracieuze vorm. Na wat opzoekwerk bij thuiskomst blijkt dit ook ± zijn totale hoogte te zijn. Zijn iets bekendere broer Maackia amurensis wordt wel wat hoger, maar of deze bestand is tegen de toch wat zwaardere grond ter plaatse in de voortuin is de vraag. Bij dit opzoekwerk stuitte ik ook op de Cladrastis kentukea. Die is blijkbaar nauw verwant aan de Maackia en heeft een iets meer losse en open bloeiwijze. Beiden vormen een mooi boompje met ietwat ronde spreidende kroon tot zo’n 6 à 8 m hoog. Wordt, met vraagteken, bijgeschreven op de lijst.

Tot slot op weg terug naar de uitgang stuitte ik nog op de Evodia daniellii (tegenwoordig Tetradium daniellii genaamd). Terug een exoot uit China. Het exemplaar in Trompenburg is al op leeftijd, hij heeft een prachtige parasolachtige groeiwijze. De stam is flink scheefgegroeid en wordt met meerdere kabels omhooggehouden. De donkere stam en takken tekenen erg mooi af tegen het lichte blad en schermvormige bloemen.

Uitstapje geslaagd dus, mijn lijstje is weer wat gespekt, misschien wel iets te geslaagd want nu moet er weer weggestreept worden. Maar goed, een boom plant je niet iedere dag, al moet dat wel heerlijk zijn zoals in een Arboretum dat je alles kunt planten dat je hartje begeert …en het klimaat en de grond toelaat natuurlijk. Dus als het even meezit staat er in het najaar een nieuwe boom in de voortuin.