Archive for the 'Lente' Category

Akelei in mei

tuin eind mei_9

Mei-maand is Akelei-maand. En zo veel meer natuurlijk, maar je kunt haast geen foto maken zonder dat er wel ergens een akelei is te zien. De combinatie van regen en toch ook al veel zonnige dagen zorgt dat alles opeens in bloei lijkt te staan. Geraniums, vingerhoedskruid, roomse kervel, stinkende gouwe, helmkruid, ruit en ook al aardig wat siergrassen en niet te vergeten natuurlijk, de pruikenboom, vergezellen de akelei. Een rondje door de tuin.

tuin eind mei_11

tuin eind mei_1tuin eind mei_7

 

 

 

 

 

 

 

 

tuin eind mei_3tuin eind mei_4tuin eind mei_10tuin eind mei_8tuin eind mei_2

 

 

 

 

 

 

 

 

tuin eind mei_5tuin eind mei_6

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Frommelblaadjes

Vijg

De nieuwe blaadjes ontluiken. Ik vind het altijd fascinerend om te zien: al dat gefriemel en gevouw. Iets wat in volle wasdom een groot en imposant blad is kan er in het voorjaar zo fragiel en hulpeloos uitzien. De eerste vijgeblaadjes grijpen als kleine handjes naar het licht (en de eerste vijgjes zitten ook al in de startblokken). Het ontrollende blad van de Japanse regenboogvaren is zo klein en friemelig. Het heeft wel iets van een kleine octopus. Je kunt bijna niet geloven dat dit later het brede indrukwekkende blad wordt, in grijspaarse metaalachtige kleuren, zoals we van hem kennen. En de Acer shirasawanum ‘Aureum’ doet het goed. Veel nieuw blad en groeikrachtige scheuten, laten we hopen dat het doorzet.

Acer shirasawanum 'Aureum'Japanse regenboogvaren

 

 

 

 

 

 

 

Ook het Japanse keizereikje is goed vertrokken. Zijn ontluikende blaadjes hadden het vorige week al gehaald tot foto van de week. De roze tint van het jonge blad begint langzaam plaats te maken voor groen. Ik besproei hem nu regelmatig met wat groene zeep en spiritus opgelost in water om spint te voorkomen. Daar had hij vorig jaar zo’n last van dat ik het nu vóór probeer te zijn.

Quercus dentata 'Pinnatifida'

De Augurkenstruik (Decaisnea fargesii) laat het dit jaar echter wat afweten. Afgelopen najaar had ik al het gevoel dat zijn blad snel afviel. Er is dit jaar veel dood hout met hier en daar gelukkig nog wel wat nieuwe scheuten. Ik ga hem een flinke snoeibeurt geven en zijn voeten vrij maken van al dat welig tierende Hondsdraf. Misschien dat hij dan weer wat meer lucht krijgt.

Augurkenstruik

Ietsje verderop staat de krulhazelaar. Deze wordt gestaag ieder jaar groter. Zijn stam is al een flinke knoestige krul, maar zijn blaadjes ontkrullen ieder jaar opnieuw. De jonge blaadjes van de Japanse Honingboom zitten netjes in twee gevouwen op een rij en maken zich klaar om hun benen te strekken.

krulhazelaarHoningboom

 

 

 

 

 

 

 

Ja geef mij maar gewoon de bladverliezende leden van het plantenrijk, dat gevouw en gefrommel ieder jaar is niet te missen.

Regen: een vloek en een zegen

Paardenbloem

Ik dacht dat ik goed op weg was in de tuin, maar de regen van de afgelopen periode heeft aan dat idee resoluut een einde gemaakt. Alles, maar dan ook werkelijk alles knalt de grond uit. Paardenbloemen, veldzuring, kleine veldkers, hondsdraf, paardenstaarten… en gras, veel gras. Waar ooit een paadje was naar de composthoop staat nu een bed van hondsdraf in innige verstrengeling met lievevrouwebedstro, wolfsmelk en gras.

tuin_mei2016

De voorjaarsopruiming is daarmee verworden tot onkruid ruimen en hier en daar nog voorzichtig de oude bloemstengels tussen de dikke pollen nieuw blad uit peuteren. Enig voordeel is, het ziet er wel lekker vol en groen uit. En toch stilletjes aan is er ook al wel wat kleur te zien. Zo is er de Judaspenning, als één van de eersten in bloei toont hij al enkele weken zijn paarse bloemen. De paasbloem vergezelt hem sinds kort en ook de donkere geranium phaeum ‘Mourning Widow’ doet een duit in het zakje.

JudaspenningPaasbloem

Geranium

Dit jaar is ook voor het eerst het Longkruid in bloei te zien. Vorig jaar kreeg ik hem via een plantenruil. Ik weet niet precies welke variëteit het is, maar het gevlekte blad en de verkleurende bloempjes zijn een welkome aanwinst voor in de schaduw.

LongkruidHelmbloem

 

 

 

 

 

 

 

Op een steenworp afstand, ook in de schaduw, staat een witte helmbloem (vermoedelijk Corydalis ochroleuca). Ik ben extra blij dat deze het goed naar z’n zin heeft, want vele variëteiten (vooral van Corydalis flexuosa) zijn hem al voorgegaan, maar zelden werd het een succes. Sinds vorig jaar heb ik wel nog een blauw bloeiende Corydalis elata die het goed lijkt te doen. Ik houd hem nauwlettend in het oog.

Ik moet eerlijk bekennen, tijdens het onkruid trekken zakt me af en toe wel de moed in de schoenen. Met een volle kruiwagen op weg naar de composthoop wordt ik danig afgeleid door het onkruid elders in de tuin. Ik moet me inhouden om niet overal tegelijk bezig te zijn. Maar als ik dan toch na een uur zwaar ploeteren met de spitvork even omhoog kijk en de bloesem van de kriekenboom straalt me tegenmoet tegen een strak blauwe hemel, dan denk ik “het komt wel goed”.

Kriek

Bouwsel in de maak

Eksternest

Al enkele weken wordt er druk gebouwd in de tuin. Een ekster heeft onze berk uitgekozen als zijn nestplaats voor het komende seizoen. Erg vroeg lijkt me want eind feb. was hij al bezig, maar misschien is dat wel normaal. Aan de grootte van het bouwsel te zien was het wellicht gewoon nodig :).

Eksternest2

Het begon als een “semi-normaal” nest, gewoon wat takjes die van her en der werden aangevlogen en zorgvuldig in een vork van de boom werden neergelegd. Maar gaandeweg werd het een vermakelijk schouwspel. Stel je voor: de ekster zit naast zijn nest en grijpt willekeurig rondom hem naar dunne twijgen die nog aan de boom hangen. Daarna volgt een trekken en sleuren totdat de twijg loslaat. Het ging er soms zo wild aan toe dat de ekster bijna van zijn tak viel. En als de hardnekkige twijg dan nog niet wilde lossen werd hij gewoon rechtstreeks in het nest ingeweven. Dat zal wat worden straks als de boom begint uit te lopen.

Eksternest in berk

Langzamerhand werd het ook een serieus bouwwerk. Het leek wel of er een soort overkapping op kwam. Na wat opzoekwerk las ik dat een eksternest inderdaad van boven overdekt wordt als bescherming van de jongen tegen predatoren. Wellicht dat de luifel ook wat extra bescherming gaf bij de naderende regenbui die volgde. De lucht kleurde helemaal zwart en met de opkomende wind vreesde ik dat het nest snel op de grond zou liggen. Maar de ekster had het nest zowaar aan de juiste windzijde van de vork gemaakt. Noem het maar instinct … of gewoon simpelweg geluk.

 

Van groen naar grijs

tuin mei_2015_1Net op tijd was ik er bij. Een paar dagen later en de veldzuring was in zaad geschoten. Hij had m’n hele tijmveld overmeesterd, dus daar moest toch even een stokje voor gestoken worden. Voor de kleine veldkers was ik wel te laat. Bij de minste aanraking springt het zaad welig in de rondte. Daar zullen we later de gevolgen wel weer van zien. Maar voorlopig kijk ik tevreden rond, in een tuin die, met veel groenen en grijzen, nu op z’n mooist is, al ga ik dit later in het seizoen vast nog eens zeggen.

schaduwhoek

Sesleria en Carex

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Over zaad gesproken: ik heb onlangs in m’n nieuwste boek (en tevens eerste aanwinst van Piet Oudolf en Noel Kingsbury) “Plannen en planten, een nieuw Tellimaperspectief” (die binnenkort op de boekenlijst erbij komt), een goed stuk gelezen over de relatie tussen de levensduur van planten en hun drang tot uitzaaien. Blijkt dat er een verband is tussen die twee eigenschappen: planten met een lange levensduur, die ook jaren op dezelfde plaats blijven staan, hebben minder vaak de neiging tot sterk uitzaaien. Ergens heeft dat natuurlijk ook een logica, een kortlevende plant zal z’n voortbestaan willen garanderen door te zorgen voor veel nakomelingen. Ineens begrijp je waarom een gras als Melica ciliata zijn zaad zo kwistig in het rond strooit, terwijl onze stille held Sesleria nitida al sinds jaar en dag onverstoorbaar op dezelfde plaats staat zonder ook maar één enkele nakomeling. Al zijn er natuurlijk altijd uitzonderingen op de regel.

sierhaver en akelei

Zenegroen en tafelblad

 

 

 

 

 

 

 

 

Akelei houdt zich in ieder geval netjes aan de spelregels. Hij is niet heel standvastig, maar wel een echt zaaiwonder. Terwijl ik vooral lyrisch wordt over alle variaties in groenen en grijzen, ziet iedereen natuurlijk de akeleien. En laten we wel wezen: je kunt er niet naast kijken. Ze zijn ook gewoon fantastisch. Je begint met 2 of 3 soorten en je eindigt met een gigantische kruisbestuiving.

akelei mix1

akelei mix2

akelei mix3

 

Akelei en varen

Salomonszegel en duizendknoop

 

 

 

 

 

 

 

 

Maar toch nog even terug naar de groenen en de grijzen, ik blijf het een mooie combinatie vinden. De salomonszegel lijkt het in zijn blad allemaal te combineren. Afhankelijk van hoe het licht erop valt kleurt het groen of grijs. En dan die rij witte klokjes die eronder bungelen. Je kunt zelfs niet benoemen of dit nu een horizontaal accent toevoegt of juist een rij verticale accentjes. De aartjes van Persicaria bistorta ‘Superba’ maken het helemaal af. Intussen knijpen we onze ogen even dicht bij de paardenstaarten, want ja… die staan er ook tussen. Aan welke spelregel die zich houden heb ik nog niet helemaal vast. Waarschijnlijk gewoon ‘Survival of the Fittest’.

Paardenstaarten

Stille Held

tuin mei 2015_1

tuin mei 2015_3

 

 

 

 

 

 

 

Het is stil geweest op Zomerstraat, maar de stilte is maar schijn. Intussen is er hard gewerkt in de tuin. En zo in mei als alles de grond uitschiet wordt het werk beloond. De kriek staat weer op z’n hoogtepunt, het paars van de Judaspenning, geblokte kievitseitjes en paasbloem is er weer, aangevuld met het eerste donkerpaars/ aubergine van de ‘Mourning Widow’ geranium, waarvan ik mij niet kan herinneren dat die er vorig jaar ook al zo vroeg bij was.

Judaspenning en Berk

tuin mei 2015_4

 

 

 

 

 

 

Verder is het vooral groen, wit en grijs dat de overhand heeft. Wit van de vele pluimpjes van het Hazestaartje dat het kiezelveld overmeesterd heeft en wit van de pluimpjes van het blauwgras Sesleria nitida. Die is er ieder jaar als één van de eerste siergrassen bij. Toen ik onlangs de dorre halmen van vorig jaar eruit viste overviel hij me plots met zijn ongekunstelde schoonheid. Het is echt een stille held. Jaren geleden is het één van de eerste siergrassen die ik ooit geplant heb. En sindsdien doet hij onverschrokken zijn ding, geen open vallende pollen of afstervende kernen: gewoon een lekker gras zonder gedoe.

hazestaartje

tuin mei 2015_2

 

 

 

 

 

 

 

Het moestuinseizoen is ook alweer geopend. Sjalot en knoflook staan al sinds februari in de grond. Knoflook had ook in het najaar gekund, maar ik was gewoon simpelweg te laat. In de bak ernaast staan peulen, een nieuwigheid voor mij, dus ik ben benieuwd of dat wat wordt. Ik had een deel van de peulen binnen voorgezaaid en een maand of wat geleden naar buiten verhuist. En eigenlijk is me dat goed bevallen, de buiten gezaaide peulen komen maar traag op gang terwijl de andere al flink de hoogte in gaan. Verder staan “the usual suspects” bietjes, warmoes en spinazie er weer. Met over een paar weekjes courgette, komkommer, bonen en radijs erbij zijn de bakken alweer vol.

EpimediumCorydalis ochroleuca

 

 

 

 

 

 

 

De meeste gaten die tijdens de voorjaars opruiming waren gevallen zijn ook alweer opgevuld, met dank aan Joos. Zo zijn daar onder andere de schildpad-bloem, guldenroede, duizendknoop, anemoon, bergamotplant, elfenbloem, longkruid, mansoor en deze prachtige helmbloem hier rechtsboven bijgekomen. Heel fijn zo’n plantenruil: het ene tuintje uit – het ander tuintje in. Binnenkort staat er weer één gepland, want zo gaat dat in mei als alles de grond uitschiet: dan zijn er opeens heel veel plantjes bijgekomen.

Paardebloem

Slakken te ruil

tuin mei 2014_1

Waar zal ik eens beginnen? Er is zoveel gebeurd de afgelopen maand. Vrachtladingen onkruid zijn eruit gegaan… en vrachtladingen boomschors erin. tuin mei 2014_2De sering is drastisch gesnoeid, de vijg heeft een nieuwe ‘behuizing’ gekregen, de sieruien in de nieuwe plantenbak schieten de hoogte in, de Lavendel is geknipt en de moestuinbakken zijn vol bezet. Er lijkt zowaar een klein beetje orde in de tuin te zijn gekomen, ondanks dat her en der nog steeds oude plantenresten van vorig jaar overeind staan.

In de border is het nu echt wel volle bak. Vers loof, en er staat al van alles in bloei. Zoals de geraniums (o.a. G. phaeum ‘Mourning Widdow’ en G. macrorrhizum ‘Spessart’), de akeleien, Lupines en Vingerhoedskruid. Ook de Pruikenboom (Cotinus coggygria ‘Royal Purple’) staat volop in bloei en verspreid daarmee zijn heerlijk zoete honingachtige geur. tuin mei 2014_3

Onder het bladerdek van de Augurkenstruik (Decaisnea fargesii) is het goed toeven. De judaspenning is allang weer uitgebloeid en laat nu zijn groene centen zien. De sieruien (en bieslook) staan er nu ook volop. Vooral in de nieuwe plantenbak is het een feest van sieruien. Het begon met de lage Allium roseum: lichtroze van kleur met opvallende gele meeldraden en een open bloeiwijze. Ze ruiken ook best lekker: ui-achtig maar wel met een zoete ondertoon. Zo’n drie weken geleden gingen ze van start en zijn inmiddels gevolgd door de vertrouwde halfhoge Allium aflatunense ‘Purple Sensation’. En… sinds een paar dagen zijn nu ook de hoge donkerpaarse Allium atropurpureum open gegaan. Sieruien in 3 hoogtes: het geeft een heel mooi effect.

plantenbak mei 2014

Allium roseum

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

plantenbak mei 2014_2In de moestuin is er ook al volop actie. Het begon dit jaar erg vroeg. De eerste oogst, of liever gezegd, de laatste oogst van vorig jaar viel begin maart. eerste oogstDe aanleiding was eigenlijk dat ik de moestuinbakken leeg wilde halen om ze, volgens de regels van de kunst, voor te bereiden op de nieuwe zaailingen. Dus haalde ik er nog een laatste haffeltje warmoes, bietjes in miniformaat en prei uit (zowat even dik als ze erin gegaan zijn). Vervolgens al het onkruid eruit, de grond goed losgemaakt, een traagwerkende organische mest erin en de grond afgedekt met strooisel. De beestjes doen de rest.

Na een paar weken rust is de grond klaar om ingezaaid te worden. Ik ben begonnen met spinazie, radijsjes, rode ui en knoflook, even later gevolgd door warmoes en bietjes. Tussen de kiezel vond ik nog ergens 2 zaailingen van gemengde sla, die ik daar vorig jaar in een pot had staan. moestuin mei 2014Ik heb ze voorzichtig opgevist en ook in de moestuinbak gezet. Ze zijn inmiddels uitgegroeid tot een heuse krop, terwijl ze in pot eigenlijk zo dicht op elkaar gezaaid worden dat het meer als snijsla wordt gebruikt. De radijsjes zijn inmiddels op (het blijft altijd verrassend hoe pittig eigen gekweekte radijsjes zijn) en hebben plaats gemaakt voor struikbonen. Dat was vorig jaar zo’n succes, dat ze nu op herhaling gaan, uiteraard op een andere plek. Het blijft een grote puzzel met die rotatieteelt. Ik heb maar 3 bakken, dus als je dan zowel spinazie, bietjes als warmoes wilt zetten, moet je toch serieus schuiven voordat het in elkaar past.

Dit jaar gaat mijn moestuin ook de hoogte in, dat hoop ik althans. Ik heb namelijk voor het eerst stokbonen gezet. Ik ben erg benieuwd wat dat gaat worden. Maar meer nog kijk ik vol verwachting naar mijn komkommers. Eén moestuinbak heeft een klimrek gekregen waar 2 komkommers tegenaan staan. Nu ken ik komkommers eigenlijk alleen van teelt in een kas, ze houden namelijk erg van warmte. Ik ben dus benieuwd of dit in de buitenlucht gaat lukken. Er hangen in ieder geval al kleine komkommertjes aan. Ook courgette is weer van de partij. Het plantje heeft alleen wat moeite om op gang te komen. Het help natuurlijk ook niet echt als de jonge blaadjes direct worden opgegeten door de slakken. Dat blijft eigenlijk de meest lastige klus: de slakken op afstand houden. Gaas eromheen bouwen, de bodem bedekken met varenblad of eierschalen: het helpt allemaal niet zoveel. Maar sinds vandaag krijg ik hulp. Bij een laatste rondje door de tuin stuitte ik op een egel, die al langzaam kuierend zijn onderkomen zocht onder de heg. Ik heb hem dan maar (hoe wreed) wat slakken toegeschoven. Slakken in ruil voor een egel en courgette…ik teken ervoor.

egel

Zij aan zij

Mist

Een paar dagen terug op een vroege ochtend zag ik dit tafereel buiten. Al weken loop ik op hete kolen dat ik dringend de tuin in moet om “het najaar” op te ruimen. Maar die vroege ochtend met de mist werd ik overvallen door de schoonheid van najaar en voorjaar die in perfecte harmonie zij aan zij stonden. De kriek in volle bloesem, de bruine bloemschermen van de sedum, terwijl het nieuwe loof zich al verdringt aan z’n voeten. En dat temidden van een witte zee van fijne Epimedium bloemetjes. De lucht was warm, maar de mist gaf alles die speciale herfstachtige sfeer.

KriekDe eerste kleuren in de voorjaarstuin associeer ik altijd met Pasen. Paars, geel en wit voeren de boventoon. Ik weet niet of dat typisch is voor mijn tuin, maar toch lijkt het wel of de natuur weet dat Pasen eraan komt. Witte en paarse Judaspenning, een paar verdwaalde narcissen, kievietseitjes, de bloesem van de Kriek en Sering en niet te vergeten de paasbloem Pulsatilla.

Hakoneckloa & EpimediumLunaria & Stipa

 

 

 

 

 

 

 

 

Sommigen zijn er, door de zachte winter, dit jaar al erg vroeg bij zoals Rucola, die eigenlijk al heel de winter her en der in bloei staat, en het Komkommerkruid Borage.

BorageDe kriek en sering staan dit voorjaar ook zij aan zij in bloei. Meestal is de kriek een stapje voor, en neemt de sering het daarna over, maar dit keer doen ze het samen.

Nog zo een die het door de zachte winter opperbest naar zijn zin heeft is de Rozemarijn. Die staat te bloeien alsof z’n leven er van afhangt. Vorig jaar kreeg hij nog een flinke knauw door een late vorstperiode, hopelijk blijft hem dat dit jaar bespaard. Ik ben er al flink aan het knippen voor in het eten en om stekjes uit te delen.

Maar hiermee is het paars in de tuin nog niet ten einde. Nog even en de bieslook gaat massaal in bloei, gevolgd door zijn familielid ” de sierui”. Ik ben dit jaar erg benieuwd naar de sieruien. RozemarijnIk heb afgelopen najaar een aantal nieuwe soorten toegevoegd, waaronder Allium roseum, A. caeruleum,  A. atropurpureum en A. ‘Summer Drummer’. Aan het loof te zien dat al overal staat wordt dat een feest.

Ook zelf gezaaid en van elders aangewaaid staan zij aan zij. In dit geval de zelf gezaaide Anthriscus sylvestris ‘Ravenswing’ en de Stinkende Gouwe (Chelidonium majus) die waarschijnlijk vanuit de bermen uit de buurt is overgewaaid. Het past wonderwel bij elkaar. Hetzelfde geldt voor de jonge grijze zachtbehaarde blaadjes van Lychnis coronaria ‘Alba’ en de oude strokleurige grashalmen van Calamagrostis acutiflora ‘Karl Foerster’die ik zo nodig moest afknippen. Eigenlijk een geluk dat ik dat nog niet heb gedaan. Zo gaan voor- en najaar nog mooi even samen.

Lychnis & CalamagrostisAnthriscus